Gratis woordenlijsten in het Italiaans

De 250 belangrijkste woorden in het Italiaans als gratis CSV-bestand om te downloaden.


Wokabulary Logo

Wokabulary

Verzamel en oefen je woordenschat.

Basiswoorden in het Italiaans

De meest basale woorden om mensen te begroeten en te bedanken.

Italiaans Nederlands
Ciao! Hoi!
Buongiorno! Goedendag!
Arrivederci! Tot ziens!
Grazie! Bedankt!
Per favore! Alstublieft!
Mi dispiace. Het spijt me.
Mi scusi! Neem me niet kwalijk!
Ferma! Stop!
Attenzione! Pas op!
Aiuto! Help!
ja
no nee
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Belangrijke zinnen in het Italiaans

Eenvoudige zinnen en basisvragen.

Italiaans Nederlands
Che cos’è …? Wat is …?
Dov’è …? Waar is …?
Come …? Hoe …?
Quanto costa? Hoeveel kost het?
Quanto tempo ci vuole? Hoe lang duurt het?
Che ore sono? Hoe laat is het?
Parla inglese? Spreekt u Engels?
C’è …? Is er …?
Vorrei ... Ik zou graag ...
Ho bisogno di ... Ik heb ... nodig
Non capisco. Ik begrijp het niet.
Nessun problema! Geen probleem!
Download de woordenlijst als CSV-bestand

De weg wijzen in het Italiaans

De weg vinden en de weg wijzen.

Italiaans Nederlands
la direzione de richting
l’entrata (f.) de ingang
l’uscita (f.) de uitgang
la strada de straat
il cammino de weg
la piazza het plein
a destra rechts
a sinistra links
sempre dritto rechtdoor
indietro terug
qui hier
daar
la mappa de kaart
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Weer, stad en natuur in het Italiaans

Het weer en je omgeving beschrijven.

Italiaans Nederlands
la casa het huis
l’appartamento (m.) het appartement
l’albergo (m.) het hotel
il museo het museum
il bagno het toilet
la banca de bank
la città de stad
la spiaggia het strand
il bosco het bos
la montagna de berg
il parco het park
il fiume de rivier
il mare de zee
il lago het meer
il tempo (meteo) het weer
il sole de zon
la pioggia de regen
la neve de sneeuw
il temporale het onweer
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor je verblijf in het Italiaans

Inchecken in het hotel en vragen wat er op de kamer ontbreekt.

Italiaans Nederlands
la camera de kamer
la chiave de sleutel
il letto het bed
la doccia de douche
l’asciugamano (m.) de handdoek
la prenotazione de reservering
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Boodschappen doen in het Italiaans

De meest noodzakelijke dingen kopen.

Italiaans Nederlands
il supermercato de supermarkt
i contanti het geld
il prezzo de prijs
la ricevuta de kassabon
il bancomat de geldautomaat
la carta di credito de creditcard
la borsa de tas
il tampone de tampon
l’assorbente (m.) het maandverband
il preservativo het condoom
lo spazzolino de tandenborstel
l’aiuto (m.) de hulp
la polizia de politie
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor eten in het Italiaans

De basis om eten te kopen en de kaart in het restaurant te lezen.

Italiaans Nederlands
il cibo het eten
la colazione het ontbijt
il ristorante het restaurant
la caffetteria het café
il bar de bar
il menù de menukaart
l’antipasto (m.) het voorgerecht
il secondo piatto het hoofdgerecht
il dolce het nagerecht
il conto de rekening
vegetariano/a vegetarisch
vegano/a veganistisch
senza glutine glutenvrij
piccante pikant
il pesce de vis
la carne het vlees
il maiale het varkensvlees
l’insalata (f.) de salade
il latte de melk
il formaggio de kaas
il pane het brood
la frutta het fruit
la verdura de groente
la frutta secca de noten
il caffè de koffie
il tè de thee
l’acqua (f.) het water
il vino de wijn
la birra het bier
senza alcol alcoholvrij
Salute! Proost!
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Vervoer in het Italiaans

Reizen met het openbaar vervoer.

Italiaans Nederlands
il treno de trein
l’autobus (m.) de bus
la macchina de auto
il tram de tram
il taxi de taxi
la bicicletta de fiets
a piedi te voet
la stazione ferroviaria het treinstation
la stazione degli autobus het busstation
l’aeroporto (m.) het vliegveld
l’aereo (m.) het vliegtuig
la fermata de halte
il biglietto het kaartje
il bagaglio de bagage
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Technische woorden in het Italiaans

De basis om verbonden te blijven.

Italiaans Nederlands
internet het internet
la password het wachtwoord
il wifi de wifi
il computer de computer
il telefono de telefoon
la presa het stopcontact
il caricabatterie de oplader
ricaricare opladen
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor tijd in het Italiaans

Openingstijden en tijdschema’s lezen.

Italiaans Nederlands
il tempo (durata) de tijd
il giorno de dag
la settimana de week
il mese de maand
l’anno (m.) het jaar
l’ora (f.) het uur
il minuto de minuut
lunedì maandag
martedì dinsdag
mercoledì woensdag
giovedì donderdag
venerdì vrijdag
sabato zaterdag
domenica zondag
di mattina ’s ochtends
di pomeriggio ’s middags
di sera ’s avonds
di notte ’s nachts
ieri gisteren
oggi vandaag
domani morgen
adesso nu
prima eerder
più tardi later
in orario op tijd
in ritardo vertraagd
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor gezondheid in het Italiaans

Woorden voor basiszorg en om te zeggen dat je ziek of geblesseerd bent.

Italiaans Nederlands
il medico de dokter
l’ospedale (m.) het ziekenhuis
la farmacia de apotheek
l’antidolorifico (m.) de pijnstiller
la medicina het medicijn
l’emergenza (f.) het noodgeval
l’allergia (f.) de allergie
l’assicurazione (f.) de verzekering
il dolore de pijn
la schiena de rug
il piede de voet
la pancia de buik
la gamba het been
la testa het hoofd
la mano de hand
il braccio de arm
il dente de tand
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Persoonlijke gegevens in het Italiaans

Formulieren invullen en basisgegevens over jezelf geven.

Italiaans Nederlands
il nome de voornaam
il cognome de achternaam
l’indirizzo (m.) het adres
il numero di telefono het telefoonnummer
il paese het land
il luogo di nascita de geboorteplaats
la data di nascita de geboortedatum
il passaporto het paspoort
la professione het beroep
l’uomo (m.) de man
la donna de vrouw
l’adulto (m.) de volwassene
il bambino het kind
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Belangrijke werkwoorden in het Italiaans

De meest voorkomende en nuttige werkwoorden.

Italiaans Nederlands
lavorare werken
visitare bezoeken
restare blijven
avere bisogno di nodig hebben
mangiare eten
chiedere vragen
dare geven
andare gaan
avere hebben
aiutare helpen
comprare kopen
venire komen
potere kunnen
imparare leren
fare maken
prendere nemen
dire zeggen
dormire slapen
scrivere schrijven
vedere zien
essere zijn
parlare spreken
cercare zoeken
telefonare bellen
bere drinken
capire begrijpen
aspettare wachten
sapere weten
volere willen
pagare betalen
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Bijvoeglijke naamwoorden in het Italiaans

De belangrijkste bijvoeglijke naamwoorden om dingen te beschrijven.

Italiaans Nederlands
buono/a goed
cattivo/a slecht
nuovo/a nieuw
vecchio/a oud
giovane jong
grande groot
piccolo/a klein
bello/a mooi
economico/a goedkoop
caro/a duur
caldo/a heet
freddo/a koud
scuro/a donker
chiaro/a licht
aperto/a open
chiuso/a gesloten
vicino dichtbij
lontano ver
insieme samen
separato/a apart
importante belangrijk
stanco/a moe
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Kleuren in het Italiaans

Woorden om de meest voorkomende kleuren te beschrijven.

Italiaans Nederlands
il colore de kleur
bianco/a wit
nero/a zwart
rosso/a rood
blu blauw
verde groen
giallo/a geel
colorato/a kleurrijk
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Getallen in het Italiaans

De belangrijkste getallen voor het dagelijks leven.

Italiaans Nederlands
zero nul
uno een
due twee
tre drie
quattro vier
cinque vijf
sei zes
sette zeven
otto acht
nove negen
dieci tien
venti twintig
cinquanta vijftig
cento honderd
mille duizend
Download de woordenlijst als CSV-bestand
Wokabulary Logo

Wokabulary

Verzamel en oefen je woordenschat.