Gratis woordenlijsten in het Frans

De 250 belangrijkste woorden in het Frans als gratis CSV-bestand om te downloaden.


Wokabulary Logo

Wokabulary

Verzamel en oefen je woordenschat.

Basiswoorden in het Frans

De meest basale woorden om mensen te begroeten en te bedanken.

Frans Nederlands
Salut ! Hoi!
Bonjour ! Goedendag!
Au revoir ! Tot ziens!
Merci ! Bedankt!
S’il vous plaît ! / S’il te plaît ! Alstublieft!
Je suis désolé(e). Het spijt me.
Excusez-moi ! Neem me niet kwalijk!
Arrête ! Stop!
Attention ! Pas op!
Au secours ! Help!
oui ja
non nee
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Belangrijke zinnen in het Frans

Eenvoudige zinnen en basisvragen.

Frans Nederlands
Qu’est-ce que c’est ... ? Wat is …?
Où est ... ? Waar is …?
Comment …? Hoe …?
Ça coûte combien ? Hoeveel kost het?
Ça prendra combien de temps ? Hoe lang duurt het?
Quelle heure est-il ? Hoe laat is het?
Parlez-vous anglais ? Spreekt u Engels?
Il y a ... ? Is er …?
Je voudrais ... Ik zou graag ...
J’ai besoin de ... Ik heb ... nodig
Je ne comprends pas. Ik begrijp het niet.
Pas de problème ! Geen probleem!
Download de woordenlijst als CSV-bestand

De weg wijzen in het Frans

De weg vinden en de weg wijzen.

Frans Nederlands
la direction de richting
l’entrée (f.) de ingang
la sortie de uitgang
la rue de straat
le chemin de weg
la place het plein
à droite rechts
à gauche links
tout droit rechtdoor
retour terug
ici hier
là-bas daar
la carte de kaart
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Weer, stad en natuur in het Frans

Het weer en je omgeving beschrijven.

Frans Nederlands
la maison het huis
l’appartement het appartement
l’hôtel het hotel
le musée het museum
les toilettes het toilet
la banque de bank
la ville de stad
la plage het strand
la forêt het bos
la montagne de berg
le parc het park
la rivière de rivier
la mer de zee
le lac het meer
le temps (météo) het weer
le soleil de zon
la pluie de regen
la neige de sneeuw
l’orage het onweer
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor je verblijf in het Frans

Inchecken in het hotel en vragen wat er op de kamer ontbreekt.

Frans Nederlands
la chambre de kamer
la clé de sleutel
le lit het bed
la douche de douche
la serviette de bain de handdoek
la réservation de reservering
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Boodschappen doen in het Frans

De meest noodzakelijke dingen kopen.

Frans Nederlands
le supermarché de supermarkt
l’argent het geld
le prix de prijs
le ticket de caisse de kassabon
le distributeur de billets de geldautomaat
la carte de crédit de creditcard
le sac de tas
le tampon de tampon
la serviette hygiénique het maandverband
le préservatif het condoom
la brosse à dents de tandenborstel
l’aide de hulp
la police de politie
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor eten in het Frans

De basis om eten te kopen en de kaart in het restaurant te lezen.

Frans Nederlands
le repas het eten
le petit-déjeuner het ontbijt
le restaurant het restaurant
le café het café
le bar de bar
le menu de menukaart
l’entrée (plat) het voorgerecht
le plat principal het hoofdgerecht
le dessert het nagerecht
l’addition de rekening
végétarien(ne) vegetarisch
végan veganistisch
sans gluten glutenvrij
épicé(e) pikant
le poisson de vis
la viande het vlees
le porc het varkensvlees
la salade de salade
le lait de melk
le fromage de kaas
le pain het brood
les fruits het fruit
les légumes de groente
les noix de noten
le café (boisson) de koffie
le thé de thee
l’eau het water
le vin de wijn
la bière het bier
sans alcool alcoholvrij
À ta santé ! Proost!
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Vervoer in het Frans

Reizen met het openbaar vervoer.

Frans Nederlands
le train de trein
le bus de bus
la voiture de auto
le tramway de tram
le taxi de taxi
le vélo de fiets
à pied te voet
la gare het treinstation
la gare routière het busstation
l’aéroport (m.) het vliegveld
l’avion (m.) het vliegtuig
l’arrêt (m.) de halte
le billet het kaartje
les bagages de bagage
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Technische woorden in het Frans

De basis om verbonden te blijven.

Frans Nederlands
l’internet het internet
le mot de passe het wachtwoord
le wifi de wifi
l’ordinateur de computer
le téléphone de telefoon
la prise het stopcontact
le chargeur de oplader
charger opladen
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor tijd in het Frans

Openingstijden en tijdschema’s lezen.

Frans Nederlands
le temps (durée) de tijd
le jour de dag
la semaine de week
le mois de maand
l’année het jaar
l’heure (f.) het uur
la minute de minuut
lundi maandag
mardi dinsdag
mercredi woensdag
jeudi donderdag
vendredi vrijdag
samedi zaterdag
dimanche zondag
le matin ’s ochtends
l’après-midi ’s middags
le soir ’s avonds
la nuit ’s nachts
hier gisteren
aujourd’hui vandaag
demain morgen
maintenant nu
plus tôt eerder
plus tard later
à l’heure op tijd
en retard vertraagd
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Woorden voor gezondheid in het Frans

Woorden voor basiszorg en om te zeggen dat je ziek of geblesseerd bent.

Frans Nederlands
le/la médecin de dokter
l’hôpital het ziekenhuis
la pharmacie de apotheek
l’antidouleur de pijnstiller
le médicament het medicijn
l’urgence (f.) het noodgeval
l’allergie (f.) de allergie
l’assurance (f.) de verzekering
la douleur de pijn
le dos de rug
le pied de voet
l’abdomen de buik
la jambe het been
la tête het hoofd
la main de hand
le bras de arm
la dent de tand
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Persoonlijke gegevens in het Frans

Formulieren invullen en basisgegevens over jezelf geven.

Frans Nederlands
le prénom de voornaam
le nom de famille de achternaam
l’adresse het adres
le numéro de téléphone het telefoonnummer
le pays het land
le lieu de naissance de geboorteplaats
la date de naissance de geboortedatum
le passeport het paspoort
la profession het beroep
l’homme de man
la femme de vrouw
l’adulte de volwassene
l’enfant het kind
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Belangrijke werkwoorden in het Frans

De meest voorkomende en nuttige werkwoorden.

Frans Nederlands
travailler werken
visiter bezoeken
rester blijven
avoir besoin de nodig hebben
manger eten
demander vragen
donner geven
aller gaan
avoir hebben
aider helpen
acheter kopen
venir komen
pouvoir kunnen
apprendre leren
faire maken
prendre nemen
dire zeggen
dormir slapen
écrire schrijven
voir zien
être zijn
parler spreken
chercher zoeken
téléphoner bellen
boire drinken
comprendre begrijpen
attendre wachten
savoir weten
vouloir willen
payer betalen
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Bijvoeglijke naamwoorden in het Frans

De belangrijkste bijvoeglijke naamwoorden om dingen te beschrijven.

Frans Nederlands
bon(ne) goed
mauvais(e) slecht
nouveau/nouvelle nieuw
vieux/vieille oud
jeune jong
grand(e) groot
petit(e) klein
beau/belle mooi
pas cher/chère goedkoop
cher/chère duur
chaud(e) heet
froid(e) koud
sombre donker
clair(e) licht
ouvert(e) open
fermé(e) gesloten
près dichtbij
loin ver
ensemble samen
séparé(e) apart
important(e) belangrijk
fatigué(e) moe
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Kleuren in het Frans

Woorden om de meest voorkomende kleuren te beschrijven.

Frans Nederlands
la couleur de kleur
blanc/blanche wit
noir(e) zwart
rouge rood
bleu(e) blauw
vert(e) groen
jaune geel
de toutes les couleurs kleurrijk
Download de woordenlijst als CSV-bestand

Getallen in het Frans

De belangrijkste getallen voor het dagelijks leven.

Frans Nederlands
zéro nul
un een
deux twee
trois drie
quatre vier
cinq vijf
six zes
sept zeven
huit acht
neuf negen
dix tien
vingt twintig
cinquante vijftig
cent honderd
mille duizend
Download de woordenlijst als CSV-bestand
Wokabulary Logo

Wokabulary

Verzamel en oefen je woordenschat.